Ze was een Yankee. Dat liet ze aan iedereen in de kroeg weten. Ik fluisterde dingen in haar oor. Het liet haar blozen.
Toen vroeg ik of ze met me mee naar het mannentoilet ging. Daar zoende ik haar kort op de mond. Ze deed haar slip uit. Zelfs haar slip was een Amerikaanse vlag. Ik pakte haar ondergoed op.
Ze keek me met grote ogen aan. Ik verstarde voor enkele seconden.

Het knipperende licht boven me. De vieze witte tegels. De geur van chloor en urine. De smerige plakkerige vloer.
Wat was ik aan het doen?
Ik wilde hier niet zijn. Ik wilde haar niet zoenen. Laat staan het met haar doen op het toilet van Stairway to heaven. Wat was ik aan het doen?
Ik mompelde ‘sorry’ en verliet het toilet en toen de kroeg zonder ‘doei’ te zeggen tegen mijn kennis.
Pas op de fiets had ik in de gaten dat ik haar slip nog in mijn handen had. En ik bleef het vasthouden. Als herinnering aan de avond waar ik ergens was waar ik niet wilde zijn, maar toch het gevoel had dat ik iets moest meemaken.
Echte vrijheid kende ik niet. Ik was een slaaf van mijn eigen verlangen. Soms gaf ik er aan toe. Soms negeerde ik het.

Fatsoen moet je doen | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Ze knipoogde weer. Daar, aan de andere kant van de bar van Stairway to heaven. Mijn geest schreeuwde om haar lichamelijke aandacht: Haar handen, haar lippen, haar woorden. Terwijl mijn vermoeide lichaam zei: Je verdoet je tijd, ga in bed liggen, ga tv kijken, ga ontspannen.
Hoe kon ik in het moment leven als mijn verstand en lichaam niet hetzelfde wilden?

Toen mijn kennis begon over het aardbeienseizoen in april, liep ik naar haar toe.
Ze keek me uitdagend aan en glimlachte als een wulpse dame.
‘Can you fuck the duck in the kippenheuk?’ Zei ze tegen me. Ze bleek dus echt uit Amerika te komen. ‘Can you fuck the duck in the kippenheuk?’ Herhaalde ze.
Ik stelde haar een aantal vragen, maar ze antwoordde in slecht uitgesproken Nederlandse scheldwoorden. Ik verdeed mijn tijd.
Zij moest daar hard om lachen. Ik niet.
Toen ik wilde weglopen pakte ze me bij mijn arm vast en fluisterde in mijn oor: ‘Can I fuck you as a duck in ’t kippenheuk?’

#52. Wat ik deed in de kroeg | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Echte vrijheid kende ik niet. Ik was een slaaf van mijn eigen verlangen. Soms gaf ik er aan toe. Soms negeerde ik het. Zoals die ene dinsdagavond.

Ik stond aan de bar in de kroeg genaamd Stairway to heaven. Ik wilde daar niet zijn. Ik wilde in bed liggen Pauw&Witteman kijken en dan na vijf minuten in slaap vallen.
Maar mijn glas Heineken was nog niet op. Mijn kennis bleef maar tegen me aankletsen over zijn nieuwe geruite H&M blouse. En zij bleef maar naar me kijken. Aan de andere kant van de bar. Met in haar hand een glas Bacardi cola.
Ze had de Amerikaanse vlag aan in de vorm van een T-shirt.
Ik negeerde haar knipoog. Ik negeerde de woorden van mijn kennis. Ik negeerde mijn glas Heineken. Ik negeerde mijn wens om te slapen. Omdat ik dacht dat ik iets zou missen als ik alleen thuis zou zitten. Terwijl ik tegelijkertijd wist dat er deze avond niets ging gebeuren.
Fatsoen moet je doen | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Psycho killer op Facebook | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks per e-mail een update
Ik had nauwelijks geslapen. De volgende gedachten bleven rondzingen:
• Wat moest ze van me als ze niet eens seks wilde?
• Wat deed ik hier in dit klinisch bed?
• Waarom dacht ze dat ik Johnny Smit was?
Het beest in mij
‘Goedemorgen,’ zij ze fatsoenlijk.
Roos maakte ontbijt klaar. Ze zette de nieuwe LP van David Bowie op.

Toen vroeg ik of ze met me wilde schuifelen op de muziek.
Twintig minuten lang dansten we en besefte ik me dat ik een dier wilde zijn. Een beest dat met geen enkele bekrompen fatsoenlijke regel rekening hoefde te houden.
Ik wilde vijf minuten lang aan mijn oksels krabben, ik wilde een boer laten en mijn vieze onderbroek om mijn vinger heen doen en dan ermee gaan rondzwaaien.
Ik wilde haar pot onder zeiken, al haar kleren uit haar kast gooien en haar klinische beddengoed bevuilen met cola.
Ik wilde kruipen over haar vloer, ik wilde rondjes draaien en schreeuwen. En schransen.
Ik zag de twijfel in haar ogen. Ze moest mijn transformatie tot beest merken terwijl we dicht tegen elkaar aan bewogen op het ritme van de muziek.
Ik kneep hard in haar billen. Ik voelde het vet tussen mijn vingers rollen en wilde grommen en haar overal betasten. Ik wilde haar broek uitrukken, haar ondergoed kapot scheuren en haar dan bespringen.
‘Au!’ Zei ze.
Ik liet haar billen los en glimlachte lief naar haar.
Voor ik het wist, biechtte ik het op: ‘Ik ben Johnny Smith niet. Ik heet Charlie.’
Ze glimlachte en zei: ‘Weet ik.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Er bestaat geen Johnny Smith.’
‘Maar, waarom sprak je me aan?’
‘Gewoon. Ik voelde me eenzaam,’ zei Roos.
‘Echt?’
‘Nee.’ Ze begon te giechelen. ‘Er waren eens drie dronken mannen in de kroeg die me dwongen een bucket list op te stellen met drie punten. Een daarvan was een Johnny Smith versieren. Jij bent mijn Johnny Smith, Charlie.’
‘Je hebt me gebruikt,’ piepte ik.
Ik moest het Roos nageven: Ze leidde een fatsoenlijk leven.
Na het drankje vertrokken we naar haar appartement in Lunetten. Haar appartement was geordend, stofvrij en geurloos. Ik begon even te twijfelen aan het bestaan van het woord “rommel” in haar leven.

Haar plee hoorde thuis in een museum (mijn urine had er nog nooit zo geel uitgezien in haar knalwitte pot).
Omdat we dronken waren, gingen we na een glas limonade in haar bed liggen. Zij in haar T-shirt en slip. Ik in mijn spijkerbroek en on-gespierde torso.
Klinisch geneuzel
Zelfs haar dekbed voelde klinisch en fris aan…
In bed, dicht tegen haar halfnaakte lichaam aan, merkte ik op dat ze geen geur had. Geen deodorant, geen parfum, geen mensengeur: niets. Wie was zij?
We praatten over onzinnige dingen. Het zag er voor geen moment naar uit dat Roos in de gaten had dat ik niet Johnny Smit was.
We zoenden. We voelden. We knuffelden. We zoenden. We lachten. We stoeiden. We dronken. En toen ik uit haar bed viel…

Ze praatte met een spook.
Ze dacht dat ik Johnny Smith was, maar in werkelijkheid was ik gewoon Charlie.
Ze dacht me te kennen. Maar dat was dus iemand anders.
Wat maakte het uit.
Ik was hier. Zij zat tegenover me. In wijnbar Lefebre. Het ging om het hier en nu.
Een gedicht
Dronken van de rosé zei ze verlegen:
‘Is het niet vreemd dat ik al maanden verliefd op je ben. Terwijl ik je alleen maar ken via de chat. Alsof ik verliefd ben op een avatar. Ik mag je echt Johnny. Het lijkt wel alsof we voorbestemd zijn voor elkaar. Je bent ook zo mooi. En je zei zulke rake dingen. Je gedichten zijn prachtig. Kan je nu geen gedicht voor me maken? Hier?’
Ik lachte zoals een Achterhoeker zou lachen. ‘Liever niet,’ zei ik en begon haar te zoenen. Ze zoende verward terug.
‘Ik dacht dat je nooit zoende op de eerste date,’ fluisterde Roos.
‘Wat maakt het uit,’ zei ik. ‘Of we nu, straks of over een week zoenen.’
‘Meen je dat? Ik dacht dat je me kende… Je weet dat ik strijd voor het fatsoen in deze wereld.’
‘Oké,’ zei ik en we zoenden verder als twee fatsoenlijke mensen.

Meer psycho killer
Hoe Roos Johnny Smith ontmoette | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update

Wachtend op niets stond ik op de stoep aan de lange Viestraat. Te kijken naar de haast. Ik probeerde het te begrijpen waar iedereen naar toe ging en waar ze vandaan kwamen. Ik dacht even te snappen waarom het allemaal zo snel ging.
Toen de zon onder ging, sprak ze me aan.
‘Johnny Smith toch?’ Vroeg ze. ‘Ik ben het, Roos.’
Ik keek naar haar donkere blonde lang haren, wapperend in de wind. Ik had haar nog nooit gezien. En wie was in godsnaam Jonhnny Smith.
‘Ja, hoi,’ glimlachte ik.
‘Aangenaam,’ glimlachte ze terug. ‘Ik dacht je al te herkennen aan je jas. Jeej, wat gek zeg om je nu in het echt te ontmoeten. Je bent leuker dan ik dacht.’
‘Dank je.’ Ik kon nog zeggen dat het een vergissing was. Ik kon nog weglopen.
‘Zullen we?’ Vroeg ze
‘Wat?’
‘Wat drinken.’
Wijnbar
Dus bracht ze me naar wijnbar Lefebre vlakbij de Neude. Ontsnappen was geen optie meer. Wat restte was dronkenmanschap.
Ik was voor even Johnny Smith.
Waarom ik het deed? Het moest haar lichaam zijn geweest.
Roos sprak honderduit over haar fotografiecarrière, die maar niet van de grond kwam. Instagram verpestte al haar dromen.
Ze bewonderde mijn werklust en mijn creativiteit.
Die Johnny Smith moest een god zijn. Jammer dat hij dit met haar moest missen.
Meer psycho killer
Hoe meer je drinkt, hoe minder je weet | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Source Flickr / ruudburger
Als een lelijke meid uit je middelbareschooltijd je aanspreekt
Ga met haar naar bed en vertel het aan niemand
Als je belachelijk wordt gemaakt door je beste vrienden
Sla ze in elkaar

Als je dronken bent en weet dat je elk moment kan gaan kotsen
Accepteer het rondje en drink het glas in een keer leeg en laat je kont zien
Als je werkelijk niet meer weet waar je naar toe moet gaan
Ga dan naar huis
Als je een kater hebt
Zeg al je afspraken af en ga vanuit bed tv-series kijken op je laptop
Als je een sms krijgt van een meisje waar je het gezicht niet meer van kan herinneren
Een willekeurige avond.
Een willekeurig feestje.
Een willekeurige meid.
Ze zei zonder glimlach: ‘Ik ken jou.’
Een graatmager blondje met een afschuwelijke H&M jurkje met daaronder een lelijke paarse panty. Nee. Dit soort meiden weigerde ik te kennen.
‘Jij bent de eikel die Mathilde niet nat kon krijgen.’
De eikel. Wat wilde ze daarmee zeggen? Alsof ik de personificatie van een eikel was geworden… Ik ben veel eikels in mijn leven tegengekomen, maar pour moi de eikel?
Ze is zelf een eikel
‘Zei ze dat ja?’ Zei ik met een opgetrokken wenkbrauw waarmee ik duidelijk probeerde te maken dat het me niets kon interesseren.
‘Ja,’ zei ze voldaan. ‘Eikel.’
‘Je kent me niet eens,’ zei ik.
‘Jawel. Jij bent de eikel die haar niet nat kan krijgen. Kurkdroog was ze, Heb jij enig idee hoe pijnlijk dat is voor een vrouw?’
Ik krabde voor de vorm aan mijn wang en toen even achter mijn achterhoofd en haalde mijn schouder op. ‘Eikel zei je net hè? Je zei de eikel. Kan je me uitleggen wat het verschil is tussen “de eikel” en “een eikel”?’
‘Sjezus,’ kraamde ze er nog maar net uit. Ze pakte uit haar handtas een nokia 3310 en keek beledigd op het antieke ding. Toen keek ze mij aan en liet een denigrerend lachje los.
Toen liep ze voldaan weg en bleef ik achter met het uitzicht op haar missende heupen. Toen dacht ik even aan de brief die ik aan mijn ex-Mathilde had geschreven…
Toen dacht ik aan niets en vertrok ik naar huis.

Meer Psycho Killer
Hoe Mathilde het uitmaakte | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Hallo Mathilde,
Alsjeblieft, lach me niet uit als je me ziet.
Je vond me oppervlakkig, ik vond jou dom.
We waren niet perfect:
- Mijn oksels stonken naar zweet
- Jouw voeten roken naar schimmel
Ik zei dat je me diep beledigd had.
Jij zei dat ik een eikel was.
Maar alsjeblieft, ik smeek je: Ik hoop dat je je inhoud als je tegen anderen over mij praat.
Als iemand vraagt waar je heen bent gegaan, antwoord ik dat je een veiligere plek zocht. Een plek die ik je niet kon geven.
Als iemand vroeg hoe het was tussen ons, zal ik zeggen: magisch.
Maar alsjeblieft, ik smeek je. Ik hoop dat je je inhoud als je tegen anderen over mij praat.
Gr. Charlie

Meer psycho killer
Waar de breuk van mijn relatie begon | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Ik had geen liefdesverdriet. Vanaf de eerste zoen wist ik al dat onze relatie destructie was. Ik had eerder last van liefdesziekheid.
Mathilde kon mijn hoofd niet verlaten. Ik voelde me geamputeerd. Ik kon wel dertig dingen opnoemen waarom het goed was dat zij het had uitgemaakt.
Maar haar lichaam, grappige opmerkingen en glimlach deed alles te niet. Was ze maar hier.
Meer psycho killer
Hoe Mathilde het uitmaakte | Psycho killer ground zero | Facebook | Twitter | Blijf op de hoogte en ontvang maandelijks een update
Dat je zo enthousiast wordt over een idee en de energie in je lichaam voelt bruisen en je hoofd bijna gaat ontploffen en dat je dit met iedereen wil delen. En dan blijkt dat werkelijk niemand interesse in je heeft. Dat niemand je enthousiasme begrijpt en het waarschijnlijk ook nooit zullen begrijpen. Waardoor je eenzaam, alleen en onbelangrijk gaat voelen en uiteindelijk gaat twijfelen waarom je überhaupt enthousiast werd over het idee.

En toen was ik weer verlaten door een vrouw.
Mathilde had twee A4tjes vol geklad waarom ik niet perfect was.
Eerder mislukt.
Ze had haar argumenten opgenomen op een cassettebandje.
Noem me gek, ik heb het zes keer beluisterd en nog begreep ik het niet helemaal waarom ze me dumpte.
Ik was gek.
Het deed me weinig, geloof ik.
Als zij me niet wilde. DAN NIET.
Dus dat zei ik ook tegen iedereen die er naar vroeg. ‘Dan niet. Ze moet me maar nemen zoals ik ben.’
Ik kan mezelf niet veranderen.
Ja toch? Boeiend. Zij heeft zichzelf ermee. Ik niet.
Ik leef gewoon verder. Pech voor haar.
Ja. Gewoon pech.
Weet je. Het gaat zoals het gaat.
That is life
’s avonds toen ik in mijn onderbroek in bed lag in het donker, te staren naar het plafond. Kon ik de slaap niet vatten.
De rode lichten van de wekker wilde me iets vertellen.
Ik hoorde mijn kleine koelkast grommen.
Ik hoorde fietsers door de straat rijden.
Ik hoorde de koelkast stoppen met grommen.
Toen zat ze in mijn hoofd. Mathilde.
Toen rolde welgeteld één traan over mijn wang. één traan heb ik gelaten om haar.
Een bittere traan.
Het ga je goed.

Ik was dronken.
Mathilde was dronken.
Ze wilde een slok van mijn bier.
Ik weigerde.
Dat vond zij kinderachtig.
Ik vond het grappig.
Ze wilde mijn laatste sigaret. Die pakte ze ook en ze stak ‘m aan.
Ik was daardoor beledigd. Ik was een arme student, zonder bijbaan.
Zij niet. Ze vond dat ik me aanstelde.
Ik vond van niet.
Daar hebben we het een half uur over gehad.
Toen begon ze te huilen. Ze zei dat ik haar niet begreep.
Ik zei dat ze zichzelf niet begreep.
Toen vertrok ze zonder één woord te zeggen.
Ik dacht dat ze binnen 28 minuten terug zou komen.
Ze kwam niet terug.
Ze smste me minstens vijf keer die avond.
Ik weigerde vijf keer te antwoorden.
